ONAFHANKELIJK DELFT, dè lokale politieke partij van Delft: vragen en beantwoording aangaande reactor TU

Onafhankelijk Delft, raadslid, Liedewei Timmermans, stelde onlangs technische vragen.
Gelukkig kregen wij vandaag de antwoorden, zodat wij dit in de raadsvergadering mee kunnen nemen.

Datum: 24-04-2025
Betreft: Technische vragen over stralingsrisico’s en ruimtelijke implicaties kernreactor RID Delft

Beste Griffie,
Onafhankelijk Delft heeft naar aanleiding van het Rampenbestrijdingsplan Reactor Instituut Delft (versie 30 januari 2019), een aantal technische vragen over de risico’s van ioniserende straling in de omgeving van de reactor en de implicaties daarvan voor ruimtelijke ordening, gezondheid en veiligheid van inwoners.
In 2023 is een geactualiseerde versie van dit rampbestrijdingsplan vastgesteld. De actuele versie is terug te vinden op de website van de VRH: Regionale plannen Veiligheidsregio Haaglanden | Veiligheidsregio Haaglanden

· Kunt u aangeven welke stralingsniveaus er bestaan rondom het RID en wat het maximale stralingsniveau is?
Het RID maakt deel uit van de Technische Universiteit Delft en concentreert zich op technisch wetenschappelijk onderzoek en onderwijs over radioactieve stoffen en ioniserende straling. Het RID beheert hiervoor een onderzoeksreactor. De reactor (kleine zwembadreactor met een daadwerkelijk vermogen van 2,3 MWth) en een vergund maximaal thermisch vermogen van 3 MWth bij geforceerde koeling) is niet gemaakt om energie te leveren, maar dient als neutronen- en positronenbron voor onderzoek. Daardoor is de onderzoeksreactor niet te vergelijken met een reactor als in Borssele (1366MWth), die benut wordt voor het (commercieel) produceren van energie.
Wet- en regelgeving voor het gebruik van ioniserende straling (in de volksmond ook wel radioactieve straling genoemd) moet ervoor zorgen dat blootstelling voor iedereen zo laag mogelijk is. Hierdoor zijn beschermende maatregelen getroffen waardoor de straling in de (directe) omgeving van het
2 / 4
RID niet anders is dan op andere plekken in Nederland. De omgeving van het RID wijkt niet af van dit landelijk gemiddelde van blootstelling.
· Kunt u aangeven welke maximale stralingsniveaus verwacht worden bij een incident binnen verschillende afstanden van het RID, en hoe deze zich verhouden tot de jaardosislimiet van 1 mSv voor de bevolking?
Er zijn landelijk normen vastgesteld die bepalen welke dosis iemand jaarlijks mag oplopen. Als algemeen stralingsbeschermingslimiet geldt – in normale situaties – dat de bevolking jaarlijks een dosis van maximaal 1 mSv mag oplopen. Tijdens een radiologische noodsituatie gelden andere referentieniveaus, en geldt een jaarlijkse maximale dosis van 100 mSv.

Het Rampbestrijdingsplan dat voor het RID is opgesteld, gaat uit van een ‘worst case scenario’. Voor dit scenario is berekend dat alleen binnen een straal van 237 meter een kleine overschrijding van de algemene stralingsbeschermingslimiet (1 mSv) wordt voorzien als er geen maatregelen worden getroffen. Voor de beeldvorming: zonder maatregelen zou iemand die in dit worst case scenario één uur lang op 75 meter van het RID blijft staan, een dosis van 1,3 mSv oplopen. Dit is dus een overschrijding van 0,3 mSv ten opzichte van de norm die voor normale situaties geldt (1 mSv); deze overschrijding zit ver onder de norm die voor radiologische noodsituaties geldt (100 mSv).

Hoewel de straling in geval van een worst case scenario dus beperkt is, zijn er maatregelen voorbereid die ervoor moeten zorgen dat de blootstelling aan straling óók bij een incident zo laag mogelijk is. Deze maatregelen gelden vanzelfsprekend voor de genoemde straal van 237 meter, maar zekerheidshalve ook voor een bredere straal. Deze maatregelen staan beschreven in het rampbestrijdingsplan.
· Binnen welke straal rondom het RID wordt langdurig verblijf (zoals wonen of slapen) afgeraden of uitgesloten op basis van het stralingsniveau?
Op geen enkele afstand van het RID wordt langdurig verblijf afgeraden of uitgesloten vanwege een bepaald stralingsniveau. Er zijn daarnaast geen wettelijke richtlijnen die langdurig verblijf verbieden rondom het RID. Zie ook de eerdere beantwoording.
· Zijn er specifieke restricties op het verblijf van kwetsbare groepen (kinderen, vrouwen in verwachting) binnen de 300 of 500 meter zone?
Er zijn geen specifieke restricties voor deze groep.
· Wordt de 500 meter maatregelzone uit het rampenplan als harde bouwbeperking gehanteerd binnen het gemeentelijk beleid?
Nee.
3 / 4
· Welke regelgeving geldt voor het bouwen van nieuwe woningen, scholen, kinderdagverblijven of andere gevoelige functies binnen deze zone?
Er zijn geen specifieke wettelijke richtlijnen die langdurig verblijf verbieden rondom het RID. De reguliere bouwregelgeving en vergunningsproces gelden hier.
· Is de aanwezigheid van de reactor zichtbaar en meegenomen in bestemmingsplannen, omgevingsplannen of risicokaarten?
Ja.
· Hoe zijn de maatregelen zoals schuilen en jodiumprofylaxe voorbereid voor de bevolking binnen de 500 meter zone? Maakt dat nog verschil als het gaat om permanente bewoning in de buurt van deze RID?
Zie bovenstaande link naar het rampbestrijdingsplan.
· Is er reeds een distributieplan voor jodiumtabletten voor risicogroepen rondom het RID, en zo ja, hoe worden inwoners hierover geïnformeerd?
In de beantwoording van vraag 1 is aan de orde gekomen dat het RID niet te vergelijken is met een reactor als in Borssele. Dit verschil maakt o.a. dat voor het RID geen distributie van jodiumtabletten nodig is, terwijl dit voor de reactor in Borssele wel nodig is in een straal van 100 kilometer. De hele gemeente Delft – en dus ook de omgeving van het RID – is binnen deze straal van 100 kilometer van Borssele gelegen. De distributie van jodiumtabletten in de gemeente Delft heeft dus plaatsgevonden, omdat Delft in het potentiële effectgebied van de centrale in Borssele ligt en niet vanwege de potentiële effecten van een incident bij het RID. De distributie van jodiumtabletten en communicatie daarover met betrekking tot de reactor in Borssele, wordt gecoördineerd door het Rijk.
Vanwege de beperkte omvang van de effecten bij een incident bij het RID, geldt het ontruimen van de directe omgeving van het RID als de meest effectieve maatregel om de dosis die iemand maximaal kan oplopen zo laag mogelijk te houden (zie ook het rampbestrijdingsplan).
· Wordt de gezondheid van bewoners, studenten en medewerkers in de directe omgeving van het RID actief gemonitord?
Nee.
· Zijn er onderzoeken bekend naar mogelijke gezondheidseffecten of verhoogde achtergrondstraling binnen de maatregelzones?
Deze onderzoeken zijn bij ons niet bekend. Er is daarnaast ook geen inhoudelijke reden voor het uitvoeren van dit soort onderzoeken, omdat er geen verhoogde achtergrondstraling is rondom het RID (zie ook de beantwoording van de eerste vraag).
· Wie is verantwoordelijk voor het toezicht op de stralingsveiligheid rondom het RID?
4 / 4
De Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) en de Nederlandse Arbeidsinspectie voeren dit toezicht uit.
· Hoe vaak worden er metingen gedaan, en waar zijn de meetresultaten publiekelijk beschikbaar?
Dit is bij ons niet bekend.
· Is er structureel overleg tussen de gemeente en instanties zoals ANVS of het RIVM over dit onderwerp?
Vanuit de VRH vindt er structureel overleg plaats met de gemeente, het RID, waarbij ook informatie wordt uitgewisseld met het RIVM en de ANVS. Ten behoeve van het opstellen en actueel houden van het rampbestrijdingsplan werkt de VRH samen met o.a. de gemeente, het RID, de ANVS en het Rijk.

Ik hoor graag uw reactie op bovenstaande vragen, bij voorkeur met verwijzing naar beleidsdocumenten of actuele meetdata indien beschikbaar.

Hartelijke groet,
Liedewei Timmermans
Onafhankelijk Delft