Burgerbrief inzake Rietveld

Delft 10 januari 2022
Geachte raadsleden,
Vanavond komt de financiering van de verbouwing van Rietveld 49 tijdens de Raadszitting aan de
orde. De raad wordt gevraagd om een ruimere financiering voor het beoogde project. In het stuk wordt
gesuggereerd dat alle betrokkenen akkoord zijn. Omwonenden zijn geïnformeerd en de atelierhouders
is gevraagd om op te stappen. Ik ben één van de atelierhouders, huur al 35 jaar mijn atelier aan het
Rietveld en ben niet bereid om op te stappen. Ik wil u graag informeren over mijn beweegredenen om
niet akkoord te gaan met de opzegging en ook niet met de geboden alternatieve atelierruimte.
Wellicht kent u mij van deze beelden in Delft:
Een aantal jaren geleden is er sprake van geweest dat het Rietveld theater verkocht zou kunnen
worden. De initiator van het Rietveld Theater was één van de potentiele kopers. Die verkoop is om
verschillende redenen niet doorgegaan en lijkt de opmars naar wat er nu speelt.
Er zijn verschillende plannen gemaakt zie o.a. de rapporten van (Toornend en Theateradvies
Amsterdam) om het Rietveld 49 te verduurzamen en te verbouwen. Vanaf het begin lijkt het erop dat
het theater ervan uitging dat zij de enige huurder van het Rietveld zou worden. In het raadsvoorstel
staat o.a. dat de atelierhouders zijn benaderd om deel te nemen aan het gesprek over het programma
van eisen. Ik ben de atelierhouder die niet deelgenomen heeft aan dit gesprek. Er werd mij gevraagd
mee te denken over het programma van eisen terwijl mij de huur van het atelier is opgezegd. Dit vond
en vind ik bijzonder onkies. Ik heb daarnaast wel moeite gedaan om te volgen wat er zou gebeuren. Ik
ben bij bijeenkomsten geweest en heb als huurder niet mee kunnen denken over mogelijkheden om
het atelier in het Rietveld te laten blijven bestaan. De communicatie naar mij toe bestond uit het
aangeven dat ik mijn atelier zou moeten verlaten.
Een van de atelierhouders is vertrokken omdat hij een huis met atelier in het stationsgebied heeft
laten bouwen. Van de andere huurster weet ik dat ze het gesprek niet als goed heeft ervaren.
De politiek in Delft investeert in stenen en ruimtes en vergeet makers te faciliteren. Waardoor onze
stad op het gebied van de beeldende kunst verarmd, creatieve makers negeert en er zo een cultureel
arm klimaat ontstaat. Zonde, ook als je kijkt naar de mogelijkheden in kruisbestuiving met o.a. de TU,
muziek en theater.
Ik ben naast kunstenaar ook ondernemer. De beeldende kunst is mijn professie en in heel Nederland
staan zo’n 15 beelden(groepen) van mijn hand, allemaal gemaakt in mijn atelier aan het Rietveld. Het
atelier heeft 1 kraan met koud water en een kachel. Vide, airco en krachtstroom heb ik in de 35 jaar
dat ik er werk, zelf aan laten leggen. Zonder subsidies of toelages doe ik, ook in Coronatijd mijn werk.
Wat mij raakt is dat ik als professioneel kunstenaar plaats zou moeten maken voor het theater, waarbij
ooit is aangegeven dat dat zo fijn is voor alle vrijwilligers.
Als het theater mijn ruimte mag gaan verhuren, is volgens mij de kans groot dat dat aan huurders zal
zijn die ondersteuning krijgen. Het theater, heb ik gehoord, heeft in Coronatijd geen huur doorbetaald.
Dat het theater dan geen huur kan betalen begrijp ik en is tekenend voor de situatie die volgens mij
kan ontstaan.
Uit het raadsvoorstel blijkt dat het Rietveld theater alle ruimtes voor het theater wil en de leegstaande
ruimtes die zouden ontstaan nadat de ateliers zijn ontruimd, wil gaan verhuren.
Dat roept bij mij een aantal vragen op:
– in mijn contract staat dat ik niet mag onderverhuren, geldt dat niet voor het theater?
– mag dit een verdienmodel zijn, terwijl ze gesubsidieerd worden?
– is de verbouwing van het Rietveld in deze tijd van schaarste van middelen en arbeid een
financieel risico? De kans is groot dat de kosten uit de hand lopen, wie gaat dat betalen?
– Is het niet achterhaald om een gebouw alleen voor theaterdoeleinden te gebruiken in deze tijd
van behoefte aan diversiteit en verbinding van verschillende disciplines?
– hoe weet je of er voldoende huurders zijn voor die ruimtes?
– komt er voor beeldende kunstenaars een soortgelijke broedplaats?
Helaas is er voor de beeldende kunst de laatste jaren veel (weg)bezuinigd, denk aan de VAK,
de kunstuitleen, 38CC
Ongeveer twee jaar geleden heeft wethouder Vollebregt mij aangegeven dat, als het noodzakelijk zou
blijken m.a.w. als het theater de ruimtes zelf zou gaan gebruiken voor voorstellingen, ik mijn
atelierruimte zou moeten verlaten. Na 2 rapporten van externe bureaus (Toornend en Theateradvies
Amsterdam) is duidelijk geworden dat het theater niet alle ruimtes kan gebruiken i.v.m. logistiek,
functionaliteit en kosten. Er wordt gekozen voor 2 theaterzalen, beneden en boven. De atelierruimtes
worden niet betrokken omdat ze niet geschikt zijn als zaal en i.v.m. de kosten. De huur wordt mij nu
opgezegd, zodat het theater die ruimte weer kan verhuren aan nieuwe huurders, die er vooralsnog
niet zijn. De afgelopen jaren staat de ruimte die beneden verhuurd kan worden in het Rietveld meer
leeg dan dat het bezet is. Ook in de stad staan meerdere ruimtes leeg. Mijns inziens voldoende
mogelijkheden voor potentiele huurders, die nu niet worden benut. Wat maakt dat men dan denkt dat
door mijn atelierruimte te verhuren, het theater zichzelf zou kunnen bedruipen?
Er zijn mij andere ruimtes aangeboden. Dat zijn ateliers die al jaren leeg staan, die ruimtes zijn voor
mij niet acceptabel. De faciliteiten zijn niet voldoende voor mijn werkzaamheden als beeldhouwer. Ze
zijn moeilijk toegankelijk voor (vracht) auto’s w.b. het in en uitladen van mijn werk. Er is geen
krachtstroom voor mijn keramische oven, geen vide voor opslag en geen uitzicht (wat voor mij
belangrijk is). Als kunstenaar werk ik dagelijks alleen in een ruimte waarbij ik altijd met mijzelf wordt
geconfronteerd. Uitzicht biedt letterlijk en figuurlijk lucht en ruimte.
Als ik het plan lees, vrees ik dat ik het pand moet verlaten en dat na een tijd zal blijken dat de
bezetting van de ruimtes en de huuropbrengst tegenvalt. En dat de ruimte ongebruikt blijft.
Jarenlang heb ik in goede harmonie met verschillende theatergroepen in dit gebouw gewerkt. En ik
heb er nog steeds geen bezwaar tegen om in het gebouw samen met het Rietveld theater mijn
werkruimte te hebben. Ik sta uiteraard open voor samenwerking. Bij medehuurders en omwonenden
heb ik nooit problemen veroorzaakt. Aan een eventuele verbouwing of verduurzaming wil ik uiteraard
meewerken.
Ik hoop dat u na mijn verhaal de mening deelt dat ik als beeldend kunstenaar mijn plek kan behouden
aan het Rietveld. Ik pleit voor een multi-disciplinair gebouw i.v.m. diversiteit en financiën. Na 35 jaar
huren durf ik te garanderen dat ik, ook in onzekere tijden die nog niet voorbij lijken, mijn huur kan blijven betalen.